Waar moet je op letten bij de aankoop van supplementen?

Volgens de wet zijn voedingssupplementen een geconcentreerde bron van één of meerdere vitaminen, mineralen of andere nutriënten met een voedingskundig of fysiologisch effect. Supplementen bevatten dus één of meerdere voedingsstoffen in een relatief hoge dosis. En tegenwoordig beperkt zich dat niet meer tot enkel vitaminen en mineralen. Werkelijk alles is te vinden in tabletten, capsules, poeders of vloeibare middelen. Denk aan antioxidanten, groente-extracten, kruiden, essentiële oliën en ga zo maar door. De supplementenindustrie is een bloeiende business en eigenlijk lijk je niet meer gezond te kunnen zijn zonder dat je het één en ander beslikt. Maar wat is hier nou van waar en hoe bepaal je of een bepaald supplement geschikt is voor jou? In deze blog geef ik een aantal inzichten waar je op kan letten bij de aanschaf van een supplement.

Waar moet je op letten bij de aankoop van supplementen?

Doet het supplement überhaupt iets?

De eerste vraag die je altijd moet stellen bij de zoektocht naar een supplement. Er zijn tegenwoordig namelijk zo ontzettend veel onzinsupplementen op de markt, die van alles beloven, maar waar totaal geen bewijzen voor zijn. Met name onder de homeopathische middelen of supplementen met bepaalde extracten er in. Of het stofje in het supplement doet wel iets als het voorkomt in voeding, maar vrij weinig als het in een supplement wordt gestopt. Denk bijvoorbeeld aan fyto-oestrogenen die zonder een gezonde darmflora niet goed kunnen worden benut. Terwijl de voedingsmiddelen waarin fyto-oestrogenen zitten (bijv. peulvruchten, lijnzaad) automatisch ook goed zijn voor de darmflora vanwege het hoge gehalte aan vezels. En denk ook altijd na of het supplement iets doet voor jou. Zo zijn er voedingssupplementen die echt wel een positief effect hebben bij specifieke doelgroepen, maar voor jou misschien niets doen. Mensen met darmklachten kunnen bijvoorbeeld behoorlijk baat hebben bij een probioticum om de darmflora te herstellen. Maar bij een gezond persoon heeft zo’n supplement maar weinig toegevoegde waarde of brengt het de darmflora zelfs uit balans.

Heb je het supplement écht nodig?

Het is niet voor niets dat het in Nederland verplicht is om op het etiket van een supplement te vermelden dat voedingssupplementen geen vervanging zijn voor een gevarieerde voeding. De letterlijke betekenis van supplement is namelijk aanvulling. En dat is ook wat het zou moeten zijn; een aanvulling op een gezond voedingspatroon, omdat het voor jou zeer moeilijk ofwel onhaalbaar is om voldoende binnen te krijgen van een bepaalde stof via de voeding. Maar helaas zie ik nog te vaak mensen naar supplementen grijpen, terwijl de voeding nog niet eens goed is. Stel bijvoorbeeld dat je vitamine C slikt, omdat je geen groente en fruit lust. Groente en fruit bevat echter ook veel meer andere voedingsstoffen (vezels, vitaminen, mineralen, flavonoïden, antioxidanten etc.) dan alleen vitamine C.  Vitamine C supplementen zijn daarom echt geen goed alternatief voor de hele voedingsgroep groente en fruit. Een supplement mag dus niet ‘uit gemak’ een gat opvullen waarvan je geen zin hebt om het via de voeding binnen te krijgen. 

Waar moet je op letten bij de aankoop van supplementen?

Wat is de dosering en hoeveel heb ik nodig voor een voldoende opname?

In Nederland kennen we de ADH, de Aanbevolen, Dagelijkse Hoeveelheid. Op een etiket van een supplement moet vermeld staan hoeveel van de ADH (soms vermeld als Recommended Daily Intake, RDI) er in zit, mits deze vastgesteld is. Zo heeft vitamine B6 een ADH van 1,5 mg. Als er dus zoveel B6 in een supplement zit, staat op het etiket 100% van de ADH. Maar fabrikanten stoppen gerust 6000% van de ADH in een potje. En dit komt dan nog bovenop de inname uit je voeding. Nou wordt weleens gezegd dat het minder erg is om teveel binnen te krijgen van de water oplosbare vitaminen, omdat deze bij een hoge dosering worden uitgeplast (in tegenstelling tot de vet oplosbare vitaminen). Dit klopt ook wel, maar er is een verschil tussen af en toe een iets hogere dosering binnenkrijgen dan je lichaam nodig heeft en dagelijks, maand in maand uit, jaar in jaar uit enorme concentraties van een bepaalde stof tot je te nemen. Zo is bijvoorbeeld bekend dat het langdurig hoog doseren van vitamine B6 kan leiden tot zenuwschade in de benen.

Dan is het ook nog zaak om rekening te houden met de opneembaarheid van de stof. Soms stoppen fabrikanten namelijk doelbewust een hele hoge dosis in een supplement, omdat de opneembaarheid niet zo goed is. Een goed voorbeeld om dit te illustreren is vitamine B12. De receptoren in de darm kunnen B12 opnemen tot ze ”verzadigd” zijn, en de rest wordt opgenomen via passieve diffusie via de slijmvliezen. Maar dit laatste principe beperkt zich tot 1 tot 2% van de gesuppleerde vitamine B12. Daarom is het voor vitamine B12 juist ontzettend belangrijk dat je een zeer hoge dosis suppleert (bijvoorbeeld 2x per week 1000 mcg, 40.000% van de ADH), zodat je gemiddeld gezien per dag genoeg binnenkrijgt.

Gaan voedingsstoffen interacties met elkaar aan?

Naast de verbindingen hebben voedingsstoffen ook interacties met andere stoffen waardoor deze beter of juist minder goed wordt opgenomen. IJzer wordt bijvoorbeeld heel slecht opgenomen als los mineraal, maar vitamine C stimuleert juist de opname. Calcium en magnesium hebben elkaar ook nodig. Ze zijn zowel een “meewerkend” als “tegenwerkend” mineraal voor elkaar. Beide elementen hebben elkaar nodig voor ieders goede werking en benutting. Dit houdt in dat hoe meer calcium er wordt ingenomen, hoe minder magnesium er opgenomen zal worden. Als je dus bijvoorbeeld een calciumsupplement neemt, kan dit een magnesiumtekort in de hand werken. Andersom is dit ook het geval. Bij langdurig gebruik van magnesiumsupplementen loop je kans een calciumtekort op te lopen. Het nemen van zo’n supplement kan de mineralenbalans in het lichaam dus eerder verstoren dan dat het een toegevoegde waarde heeft.

Eet jij bijvoorbeeld veganistisch dan loop je op de lange termijn risico op een tekort aan vitamine B12. Een supplement hiervoor is dus echt niet overbodig. Maar wanneer jij op voorhand vitamine C slikt, omdat je geen groente en fruit lust, is dit de verkeerde reden. Om deze reden raad ik een multivitamine eigenlijk altijd af. Ze bevatten een breed scala aan voedingsstoffen waarvan je het grootste gedeelte waarschijnlijk al voldoende binnenkrijgt.

Bevatten de supplementen dierlijke materialen?

Voor de doelgroep op mijn blog is deze vraag den ik behoorlijk relevant. Want ben jij vegetariër of veganist? Let er dan ook op de oorsprong van de voedingsstof en of de capsule van dierlijk materiaal is. Zo wordt vitamine D3 standaard gewonnen uit schapenwol, maar is er ook vegan D3 op de markt uit korstmos. Of de de draagstof van het supplement bevat dierlijke materialen zoals gelatine, gewonnen uit varkensbotten. Iets om op te letten dus bij de aanschaf van supplementen.

Waar moet je op letten bij de aankoop van supplementen?

Samengevat

Supplementen zijn vandaag de dag echt een uitkomst om tekorten te voorkomen of om lichamelijke klachten te verminderen. Maar helaas gebruiken heel veel mensen te veel supplementen of de verkeerde supplementen. Of mensen gebruiken supplementen uit luiheid om écht gezond te eten. Of met het idee ‘baat het niet dan schaadt het niet’. Dat is dus niet altijd het geval. Ik adviseer daarom ook eigenlijk sowieso altijd losse suppletie in plaats van een multivitamine. Multivitaminen bevatten over het algemeen namelijk van alles wat je helemaal niet nodig hebt. En zoek altijd even uit hoe de opneembaarheid is van een bepaalde stof in een bepaalde verbinding. Als je iets suppleert en je neemt het amper op, heb je er ook weinig aan.



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *