Hoe gezond zijn kant-en-klare vleesvervangers?

Ik weet nog goed dat ik op mijn veertiende besloot om vegetariër te worden en uit ongeveer tien vleesvervangers kon kiezen die – eerlijk is eerlijk – nou niet echt fantastisch waren qua smaak. Maar er is in al die jaren veel veranderd. De vleesvervanger wordt niet langer gezien als smakeloos hippievoer, maar is een diervriendelijk en waardig alternatief voor een stukje vlees. Waar je vroeger op zoek moest naar het schap met vleesvervangers, hebben vandaag de dag de meeste supermarkten wel één tot een paar meter aan keus. Er zijn zelfs slagers die vleesvervangers verkopen. Maar met de toenemende populariteit van vleesvervangers, rijst ook steeds vaker de vraag op hoe gezond die vleesvervangers wel of niet zijn.

De gezondheidsnadelen van vleesvervangers

Kant-en-klare vleesvervangers zijn in principe natuurlijk gewoon bewerkte producten. Ze worden gemaakt in een fabriek en er komen behoorlijk wat bewerkingen aan te pas zodat er een smakelijk eindproduct ontstaat. Hierdoor zijn vleesvervanger wat rijker aan calorieën, terwijl ze weinig tot geen voedingsstoffen zoals vitaminen, mineralen of vezels bevatten. De voedingsstoffen die je op het etiket leest (ijzer, vitamine B12) zijn toegevoegd door de fabrikant.

Daarnaast voegt een fabrikant natuurlijk van alles toe om een vleesvervanger op smaak te brengen. En hier zit dan ook het tweede belangrijkste gezondheidsnadeel: het zoutgehalte. Met één burger, schijf, worstje of portie balletjes kom je al snel aan 1 tot 1,5 gram zout, terwijl we slechts 3,75 gram zout per dag nodig hebben.

De gezondste eiwitbron

Vleesvervangers zijn ook absoluut niet essentieel om te eten, het is een luxeproduct. Ze zijn ontwikkeld voor mensen die wel de smaak en bite van vlees willen ervaren, maar vanwege de dieren of om duurzaamheidsoverwegingen geen dierlijk vlees willen eten. De aller gezondste eiwitbronnen zijn dan ook geen vleesvervangers, maar peulvruchten. Bonen, erwten en linzen zijn namelijk onbewerkte producten die van zichzelf rijk zijn aan vezels, diverse B-vitaminen en ijzer.

Vleesvervangers in perspectief

Op zichzelf zijn vleesvervangers dus niet per se de meest ideale eiwitbron of überhaupt een super gezonde keuze. Maar we eten natuurlijk niet enkel vleesvervangers. Hoe ongezond zijn die burgers, schijven, worstjes en balletjes nou als je ze ziet als alternatief voor iets anders en als onderdeel van een geheel voedingspatroon?

Vleesvervangers vs vlees

Allereerst zijn vleesvervangers vrij van dierlijke eiwitten, cholesterol en hormonen, wat ze gezonder maakt dan vlees. Daarnaast bevatten de meeste vleesvervangers veel minder verzadigd vet, wat het ongezonde vet is wat het cholesterolgehalte laat stijgen.

Vleesvervangers zijn inderdaad bewerkt en zout, maar veel vlees is dat ook. Denk aan worst, gehakt, schnitzels en vleeswaren. Stuk voor stuk bewerkt en behoorlijk zout. Maar ook onbewerkt vlees zoals een stukje kipfilet of biefstuk wordt over het algemeen op smaak gebracht met peper en zout of een zoutrijke kruidenmix.

Bovendien: wie onbewerkt plantaardig eet, krijgt veel minder zout binnen via het voedingspatroon dan de gemiddelde Nederlander. Zo’n vleesvervanger heeft dan dus een vele male kleinere impact op de gezondheid dan wanneer iemand ook nog eens veel zout binnenkrijgt via andere voedingsmiddelen. Het zoutgehalte van vleesvervangers is dus vooral een probleem voor mensen die af en toe een vleesvervanger eten i.p.v. vlees. Dan komt het zout bovenop al die andere zoutrijke producten zoals bewerkt vlees (worst, schnitzel, snacks, vleeswaren), kaas, kant-en-klaar maaltijden, brood, pakjes en zakjes, sauzen etc.

De gezondste vleesvervangers

Tot slot: er zit nogal wat verschil tussen alle soorten vleesvervangers. Sommige vleesvervangers zijn super vet en zout, terwijl andere vleesvervangers redelijk puur zijn. De gepaneerde en/of gevulde vleesvervangers (schnitzels, nuggets, zeesticks) zijn bijvoorbeeld wat vetter, bewerkter en zouter. Daarnaast zijn vleesvervangers die bewerkt vlees nabootsen (shoarma, gehakt, worst, hamburgers) meestal vetter en/of zouter. Dat is ook niet zo gek. Vet en zout geeft het bewerkte vleesproduct namelijk de smaak en bite. Als je dus een plantaardige vervanger eet, is er ook vet en zout gebruikt om eenzelfde smaaksensatie te bereiken. Over het algemeen zijn plantaardige kipstukjes, falafel of groenteballetjes gezonder. Als richtlijn kun je onthouden dat hoe meer ingrediënten een kant-en-klare vleesvervanger bevat, hoe bewerkter en dus ongezonder deze ook zal zijn.

Vleesvervangers

Praktisch advies

Alhoewel de meeste vleesvervangers op veel vlakken beter scoren dan dierlijke producten, winnen ze het eigenlijk nooit van peulvruchten. Zie het dus zeker niet als noodzaak om kant-en-klare vleesvervangers te consumeren. Maar vleesvervangers maken voor veel mensen de stap naar plantaardig eten wel makkelijker. Zie vleesvervangers daarom liever als een voedingsmiddel om de overstap naar plantaardig eten te vereenvoudigen. Het is dus een station wat je moet passeren, niet je eindbestemming. En net zoals het niet gezond is om dagelijks worstjes, shoarma, gehakt en schnitzels te eten, is het ook niet gezond om dagelijks plantaardige worstjes, shoarma, gehakt en schnitzels te eten. Blijf dus zo veel mogelijk bij de pure soorten zoals falafel of vegetarische kipstukjes. Wil je dit nog een stapje verder voeren zonder op smaak in te leveren? maak dan eens je eigen plantaardige burger of balletjes.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *